Betekenissen
De blik op iemand of iets richten.
Herkomst van het woord
samenstelling van aan vz en kijken ww
Gebruikt in een zin
“Hij keek haar aan en zei: "goedenavond".”
“De vader keek zijn dochter streng aan en toen gaf het meisje toe dat ze de kras op de auto had gemaakt.”
“Chantal zag dat Heleen haar aankeek zonder haar daadwerkelijk te zien.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“blik vestigen”9 letters
02“Blik richten”9 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
A________