Betekenissen
onzeker zijn, twijfelen
Herkomst van het woord
frequentatief gevormd uit Middelnederlands eersen met het achtervoegsel -el. Het eerste deel is hetzelfde woord als aars. In de betekenis van ‘weifelen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1600
Gebruikt in een zin
“Hij aarzelde nog wel een beetje, maar ging uiteindelijk toch.”
“Wilt u uw verhaal kwijt, aarzel dan niet.”
“Zin om maandag na school naar mij te komen? Een film kijken ofzo? Ik aarzelde even voor ik ten slotte schreef: Goed.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“twijfel tonen”8 letters
02“Niet durven kiezen”8 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
A_______