Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
E____
Betekenissen
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van effenen
Herkomst van het woord
In de betekenis van ‘vlak, gelijkmatig’ voor het eerst aangetroffen in 1236
Gebruikt in een zin
“Met een effen gelaat vertelde de man de grootste leugens.”
“Ik effen.”
“Effen je?”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord0 gecureerde aanwijzingen
Nog geen gecureerde aanwijzingen voor effen.