Betekenissen
het (fysiek) vermogen waarmee arbeid kan worden verricht
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘veerkracht, arbeidsvermogen’ voor het eerst aangetroffen in 1668
Gebruikt in een zin
“Ik heb geen energie vandaag.”
“Hier en daar gaat het wel even heuvelaf, maar het is te kort om nieuwe energie te verzamelen.”
“Niemand wist wat dat blauwe licht was geweest, misschien statische energie van de storm of een bolbliksem?”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Kracht om te werken”7 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
E______