Betekenissen
lid van een bepaalde joodse secte in de tijd van Jezus
Herkomst van het woord
van Duits Pharisäer, dat via Latijn pharisaeus en Hellenistisch Oudgrieks φαρισαῖος (farisaios) teruggaat op Hebreeuws פְּרוּשִׁי (peroesji) en Aramees פְּרִישׁא (perisja) "afgescheidene"; vergelijk farizeeën mv uit Middelnederlands fariseen
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“huichelaar”9 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
F________