Betekenissen
net, behoorlijk of passend volgens gewone omgangsnormen.
Herkomst van het woord
afgeleid van fatsoen zn met het achtervoegsel -lijk
Gebruikt in een zin
“De grasmaaier was een fatsoenlijk apparaat.”
“'Voor mij is een fatsoenlijke maaltijd: entree, plat, kaas, dessert', zegt Frédéric Deidier (49), terwijl hij enthousiast op zijn enorme buik kletst.”
“Ik had al dagen geen fatsoenlijke maaltijd gegeten en had buikpijn van de honger.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Netjes”11 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
F__________