Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
G___
Betekenissen
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van geinen
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Jiddisch, in de betekenis van ‘lol’ voor het eerst aangetroffen in 1906
Gebruikt in een zin
“Zij hadden een heleboel gein met elkaar.”
“Ze hadden er hun ‘gein’ in hem te treiteren.”
“Ik gein.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord0 gecureerde aanwijzingen
Nog geen gecureerde aanwijzingen voor gein.