Betekenissen
Beoefenaar van judo.
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Japans, in de betekenis van ‘beoefenaar van judo’ voor het eerst aangetroffen in 1950
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Vechtatleet”6 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
J_____