Betekenissen
het beendergestel dat de mondholte omsluit en waarin de tanden en kiezen geplaatst zijn
Herkomst van het woord
In de betekenis van ‘monddeel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1285.
Gebruikt in een zin
“De dode dolfijn had een aangeboren afwijking en een gebroken kaak.”
“Mijn stem ontneemt anderen dus ook wel eens de gelegenheid om zelf hun mening te laten horen. Soms kwam ik na mijn werk thuis met een stijve kaak van het praten.”
“Hij gaf haar een kus op de kaken.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Bot rond mond”4 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
K___