Betekenissen
een zacht samenhangend snoepgoed dat niet bedoeld is om in te slikken
Herkomst van het woord
In de betekenis van ‘snoepgoed van suiker, olie en gom’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1921
Gebruikt in een zin
“Je moet kauwgom niet op straat uitspugen.”
“Het duurde even voordat ik de smaak kon plaatsen. Het leek op een soort combinatie van kip, vis en kauwgom met opvallend veel kleine graatjes.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“Plakzoet”7 letters
02“Plaksnoep”7 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
K______