Betekenissen
een instrument dat de tijd bijhoudt
Herkomst van het woord
zn: via Middelnederlands clocke van Oudiers clocc (Iers clog) dat zelf een klanknabootsing is, in de betekenis van ‘bel, uurwerk’ voor het eerst aangetroffen in 1237; vergelijk Angelsaksisch clucge, Oudnoords klukka
Gebruikt in een zin
“Als je wil weten hoe laat het is kijk je maar op de klok.”
“Hoe laat is het?' Hoewel er een klok achter haar hing, draaide ze zich niet om.”
“Maar hoe zat het met Isaac - met welke smoes konden ze hem hier houden? De pendule van de klok in de gang slingerde viermaal.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“Instrument voor tijd”4 letters
02“Tijdaanwijzer”4 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
K___