Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
L____
Betekenissen
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van loensen
Herkomst van het woord
In de betekenis van ‘een beetje scheel’ voor het eerst aangetroffen in 1724
Gebruikt in een zin
“Ik loens.”
“Loens je?”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord0 gecureerde aanwijzingen
Nog geen gecureerde aanwijzingen voor loens.