Betekenissen
iemand die een schiettuig bedient
Herkomst van het woord
afgeleid met nultrap en umlaut bij de wortel van het werkwoord schieten met het achtervoegsel -er, oorspronkelijk afkomstig van schuttre (iemand die met pijl en boog schiet), in de betekenis van ‘persoon die schiet’ aangetroffen vanaf 1240
Gebruikt in een zin
“Er klonk een schot, maar waar de schutter zich bevond was niet duidelijk.”
“Hij stond bekend als een uitstekend schutter.”
“Ik schutter.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“wapenbediener”8 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
S_______