Betekenissen
een vrij groot afsluitbaar en meestal metalen vat voor de opslag van vloeistoffen
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘vloeistofreservoir’ voor het eerst aangetroffen in 1889
Gebruikt in een zin
“Er zat geen benzine meer in de tank.”
“De invoering van de tank doorbrak de stagnatie van de loopgravenoorlog.”
“Ik tank.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“Vat voor brandstof”4 letters
02“Groot vloeistofvat”4 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
T___