Betekenissen
stichten, beginnen, oprichten
Herkomst van het woord
In de betekenis van ‘stichten, nederzetten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1323
Gebruikt in een zin
“Een kantoor vestigen.”
“De aandacht vestigen.”
“Zij vestigden zich bij de grootouders.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Oprichten”8 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
V_______