Betekenissen
smerig, vuil of onaangenaam van smaak of geur.
Herkomst van het woord
Oorspronkelijk een dialectische variant vies, naast echt-Nederlands vijs (bijv. West-Vlaams vijs, Middelnederlands vijs), waarschijnlijk afgeleid van Germaans *fīsan 'blazen', (eufemistisch) 'winden laten', vergelijk Oudnoords físa '(vuur) aanblazen', IJslands físa '(vuur) aanblazen', 'wind laten', Middelhoogduits vīsen 'wind laten'.
Gebruikt in een zin
“Mijn kunstgras is vies.”
“Bijna iedereen ter wereld woont op plekken waar de lucht te vies is.”
“Ik vond vroeger het eten thuis altijd vies.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“Niet schoon”4 letters
02“Smerig”4 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
V___