Betekenissen
volgroeid vruchtbeginsel van een boom of plant
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘ooft, ongeboren jong’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Gebruikt in een zin
“De vruchten van die bomen worden op regelmatige tijdstippen geplukt.”
“De vrouw ziet er niet zwanger uit, maar de vrucht is er wel degelijk.”
“En nu, op de drempel van de volwassenheid, werd ze uitgelachen omdat ze een vrucht aan een Spaanse boom was.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Plantproduct”6 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
V_____