Betekenissen
vrijstaand dragend bouwkundig object met grote lengte en beperkte ronde doorsnede
Herkomst van het woord
In de betekenis van ‘pilaar’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Gebruikt in een zin
“Bij het plein van Campo dei Tolentini met de marmeren zuilen van de neoklassieke gevel van San Nicola, waar de terrasjes uitgeklapt stonden, diende ik rechtdoor mijn weg te vervolgen.”
“want de zuilen van de tempel staan ieder op zichzelf,”
“De twintigste-eeuwse Nederlandse samenleving was opgedeeld in vier grote zuilen: de katholieke, de protestants-christelijke, de socialistische en de liberale.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Pilaar”4 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
Z___