Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
A_____
Betekenissen
enkelvoud verleden tijd van aflopen
Gebruikt in een zin
“... dat ik afliep.”
“... dat jij afliep.”
“... dat hij, zij, het afliep.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord0 gecureerde aanwijzingen
Nog geen gecureerde aanwijzingen voor afliep.