Betekenissen
geheel aan toestellen en toebehoren dat men voor een bepaalde taak benodigt
Herkomst van het woord
van Duits Apparatur, in de betekenis van ‘samenstel van apparaten’ voor het eerst aangetroffen in 1933
Gebruikt in een zin
“Voor de algoritmes is hij een doorsneezestiger met een liefde voor exotische vakantieoorden en vernuftige, niet al te dure huishoudelijke apparatuur.”
“Hoewel hij nooit kookte had hij toch een enorme hoeveelheid keukenapparatuur in zijn keuken staan.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Technische set”10 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
A_________