Betekenissen
de bestuurder van een motorvoertuig (ook )
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘autobestuurder’ voor het eerst aangetroffen in 1912
Gebruikt in een zin
“De chauffeur verloor de macht over het stuur en daarom vloog de auto de berm in.”
“'Er zou een chauffeur komen om jullie bagage naar Corleone te brengen, maar ik kan hem niet bereiken,' legt hij uit.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord2 gecureerde aanwijzingen
01“Bestuurder van auto”9 letters
02“Taxirijder”9 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
C________