Betekenissen
een zaak waar men gefrituurde zaken verkoopt
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘in kokend vet gebakken spijs’ voor het eerst aangetroffen in 1599
Gebruikt in een zin
“De frituur is open, hoor.”
“Vraag het aan Gentenaar Geert Claus, uitbater van frituur Emily’s, hoe zwaar het is. Hij legt de laatste meters te voet af, met de fiets aan de hand.”
“Ik heb het even in de frituur gegooid.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Zaak met snacks”7 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
F______