Betekenissen
Oprechtheid, betrouwbaarheid en morele ongeschondenheid.
Herkomst van het woord
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘rechtschapenheid’ voor het eerst aangetroffen in 1689
Gebruikt in een zin
“Iemands integriteit in twijfel trekken.”
“De douane kon op zowel ondemocratische als iemands integriteit schendende wijze naar smokkelgeld zoeken.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Oprechtheid”11 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
I__________