Betekenissen
Een hoge bestuurder of regeringsleider in sommige landen.
Herkomst van het woord
via Middelnederlands cancellier van Frans chancelier, in de betekenis van ‘hoogwaardigheidsbekleder’ aangetroffen vanaf 1293
Gebruikt in een zin
“Toen Hitler in 1933 kanselier van Duitsland werd, was dat het begin van het einde van de Duitse democratie”
“Reeds de Romeinse keizers hadden kanseliers in dienst.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Eerste minister”9 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
K________