Betekenissen
Handelaar die goederen koopt en verkoopt.
Herkomst van het woord
erfwoord via Middelnederlands coopman van Oudnederlands coman / kopman, op te vatten als samenstelling van koop ww en man zn
Gebruikt in een zin
“Nella mocht hem niet lezen, maar een week later hoorde ze dat ze moest musiceren voor Johannes Brandt, een Amsterdamse koopman die speciaal voor haar naar het platteland kwam.”
“Dirk III – niet die van de drankwinkels maar de Graaf van Holland – legde in de elfde eeuw bij Vlaardingen een tolpost aan. Een koopman die daar met zijn schip langs wilde, moest betalen.”
“Dat waren relatief rustige jaren, mijmeren de koopmannen op de grote markt van Bunia nog wel eens.”
Bron: Wiktionary, CC BY-SA 4.0
Gebruikt als kruiswoordantwoord1 gecureerde aanwijzing
01“Marktverkoper”7 letters
Niet helemaal goed?
"Zoek vergelijkbare patronen."
K______